Nr. C 20/2 Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen 27.1.87
II
(Voorbereidende besluiten)
COMMISSIE
Voorstel voor een richtlijn van de Raad tot wijziging van Richtlijn 84/538/EEG betreffende de
onderlinge aanpassing van de wetgevingen der Lid-Staten inzake het toelaatbare geluidsvermo-
gensniveau van gazonmaaimachines
COM(86) 682 def.
(Door de Commissie bij de Raad ingediend op 22 december 1986)
(87/C 20/02)
DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese
Economische Gemeenschap, inzonderheid op artikel 100,
Gezien het voorstel van de Commissie,
Gezien het advies van het Europese Parlement,
Gezien het advies van het Economisch en Sociaal Co-
mité,
Overwegende dat in de Lid-Staten de voorschriften voor
het toelaatbare geluidsniveau op de bedieningsplaatsen,
alsmede voor de methode voor de meting van de geluids-
emissie van Lid-Staat tot Lid-Staat verschillen, hetgeen,
wanneer zij op gazonmaaimachines worden toegepast,
voor de handel in deze gazonmaaimachines een belem-
mering vormt; dat deze voorschriften derhalve onderling
dienen te worden aangepast;
Overwegende dat in Richtlijn 79/113/EEG van de Raad
van 19 december 1978 betreffende de onderlinge aanpas-
sing van de wetgevingen van de Lid-Staten inzake het
bepalen van het geluid dat door bouwterreinmachines en
bouwterreinmaterieel wordt uitgestraald ('), laatstelijk
gewijzigd bij Richtlijn 85/405/EEG (2), met name de
methode is vastgesteld die moet worden gebruikt om de
geluidsemissie van een gazonmaaimachine op de bedie-
ningsplaats te bepalen;
Overwegende dat tijdens de zitting van de Raad van 18
en 19 december 1978, de ministers van Milieuzaken heb-
ben verklaard dat de technische bepalingen bestemd voor
de meting van de geluidsemissie naar de bedieningsplaats
toe in de bijlagen van de bijzondere richtlijnen voor elke
betrokken machine dienen te worden opgenomen;
Overwegende dat het wenselijk is alle technische voor-
schriften ter bepaling van de geluidsemissies van gazon-
maaimachines in één richtlijn te bundelen;
Overwegende dat, ten einde met deze onderscheiden
eisen rekening te houden, Richtlijn 84/538/EEG wijzi-
ging behoeft van de Raad (3);
HEEFT DE VOLGENDE RICHTLIJN VASTGESTELD:
Artikel 1
Richtlijn 84/538/EEG wordt als volgt gewijzigd:
1. Artikel 1, lid 1, wordt gelezen:
„1 . Deze richtlijn betreft de beperking van het ge-
luidsvermogensniveau van het door gazonmaaimachi-
nes in de omgeving veroorzaakte luchtgeluid en van
het geluiddrukniveau van het luchtgeluid op de bedie-
ningsplaats bij gazonmaaimachines met een maai-
breedte van meer dan 120 cm, door de vaststelling
van grenswaarden en meetmethoden voor deze ni-
veaus."
2. Artikel 2 wordt gelezen:
„Artikel 2
De Lid-Staten nemen alle geëigende maatregelen om
ervoor zorg te dragen dat de in artikel 1 bedoelde
gazonmaaimachines slechts in de handel mogen wor-
den gebracht, indien:
— het geluidsvermogensniveau ervan, bij meting on-
der de in bijlage I vermelde omstandigheden, niet
hoger is dan het geluidsvermogensniveau dat in
onderstaande tabel naar gelang van de maai-
breedte van de gazonmaaimachine is aangegeven:
Maaibreedte van de
gazonmaaimachine (L)
L
50 cm
L > 120 cm
Toelaatbaar
geluidsvermogensniveau
in dB (A)/l
PW
96
100
105
O PB nr. L 33 van 8. 2. 1979, blz. 15.
O PB nr. L 233 van 30. 8. 1985, blz. 9. O PBnr. L 300 van 19. 11. 1984, blz. 171.
27.1. 87 Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen Nr. C 20/3
— het A-gewogen geluiddrukniveau in dB van het
luchtgeluid van gazonmaaimachines met een maai-
breedte van meer dan 120 cm, gemeten op de be-
dieningsplaats onder de in bijlage I bis beschreven
omstandigheden, de waarde van 92 dB (A) niet
overschrijdt."
3. Artikel 4 wordt gelezen:
„Artikel 4
Op gazonmaaimachines die ten verkoop worden aan-
geboden, moeten op duidelijke en duurzame wijze,
hetzij direct op de gazonmaaimachine, hetzij op een
blijvend aangebracht plaatje (bijvoorbeeld een geklon-
ken of zelfklevend plaatje), de merktekens worden
aangebracht voor de identificatie van de fabrikant, de
aanduiding van het type en de opgave van het maxi-
male geluidsvermogensniveau in dB (A) ten opzichte
van 1 pW, alsmede, voor gazonmaaimachines met een
maaibreedte van meer dan 120 cm, de vermelding van
het geluiddrukniveau in dB ref. 20 u,Pa op de bedie-
ningsplaats die door de fabrikant worden gewaar-
borgd.
Het model van deze vermeldingen staat in bijlage III.
Deze vermelding is niet vereist voor met een elektro-
motor uitgeruste gazonmaaimachines, met een maai-
breedte van minder dan 30 cm."
4. Een bijlage I bis wordt ingevoegd, waarvan de tekst in
bijlage I bij deze richtlijn is vervat.
5. Bijlage III wordt aangevuld met de tekst van bijlage II
van deze richtlijn.
Artikel 2
1. De Lid-Staten doen de nodige wettelijke en be-
stuursrechtelijke bepalingen in werking treden om uiter-
lijk op 1 juli 1987 aan deze richtlijn te voldoen. Zij stel-
len de Commissie hiervan onverwijld in kennis.
2. De Lid-Staten delen de Commissie de tekst van alle
bepalingen van intern recht mede die zij op het onder
deze richtlijn vallende gebied vaststellen.
Artikel 3
Deze richtlijn is gericht tot de Lid-Staten.
BIJLAGE I
„Bijlage ƒ bis
Methode voor meting van gazonmaaimachines op de bedieningsplaats
Deze methode is van toepassing op gazonmaaimachines met een maaibreedte van meer dan 120 cm en een
zitplaats voor de bedienende persoon, welke integraal deel uitmaakt van de gazonmaaimachine. Hierbij
worden de beproevingsmethodes vastgesteld voor de bepaling van de continue equivalente waarde van het
geluiddrukniveau op de bedieningsplaats.
Deze technische methodes stemmen overeen met de voorschriften die zijn opgenomen in bijlage II bij
Richtlijn 79/113/EEG, gewijzigd bij Richtlijn 85/405/EEG; de bepalingen van die bijlage zijn, met inacht-
neming van de volgende wijzigingen en toevoegingen, van toepassing op gazonmaaimachines:
6. Bedieningspersoneel
Op de bedieningsplaats dient bedieningspersoneel aanwezig te zijn.
6.2.1. Bedieningspersoneel in staande houding
Hiermee wordt geen rekening gehouden.
7.1 Algemeen
De plaatsing van de microfoon geschiedt zoals beschreven onder punt 7.3.
9.1 Algemeen
9.2
De plaatsings- en bedrijfsomstandigheden van de gazonmaaimachine zijn zoals beschreven onder
punt 6.2 van bijlage I.
Werking van een met verstelbare voorzieningen uitgeruste gazonmaaimachine
Hiermee wordt geen rekening gehouden.
Nr. C 20/4 Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen 27.1.87
10.2.2 Met gebruikmaking van de A-gewogen geluiddrukniveaus LpA
Indien bij de meting gebruik wordt gemaakt van een geluidsmeter, bedraagt T 5 seconden. Er wor-
den 5 metingen verricht."
BIJLAGE II
,Model voor de vermelding van het geluiddrukniveau
Alle aangegeven afmetingen kunnen worden vermenigvuldigd met bij voorbeeld V2, 'A, 2, 3, 4, enz., op
voorwaarde dat de voorschriften van artikel 4 in acht worden genomen.
Voor alle bovenvermelde afmetingen is een tolerantie van 20 % toegestaan.".
Full & Egal Universal Law Academy