ARBITRATION AND MEDIATION CENTER BESLISSING ADMINISTRATIEF PANEL Stichting YPIP v. Derk Arbitrium, Arbi Zaak nr. DEU2025-0021 1. De Partijen De Klager is Stichting YPIP, Koninkrijk der Nederlanden, vertegenwoordigd door Markedly B.V., Koninkrijk der Nederlanden. De Verweerder is Derk Arbitrium, Arbi, België. 2. De Domeinnaam en Registrator De domeinnaam (de “Domeinnaam”) is bij het European Registry for Internet Domains (“EURid” of het “Register”) via Registrar.eu (de “Registrator”) geregistreerd. 3. Procedurele geschiedenis De Klacht werd op 26 augustus 2025 ingediend bij het WIPO Arbitration and Mediation Center (het “Center”). Op 27 augustus 2025 heeft het Center per e-mail aan het Register een verzoek tot verificatie voor de betwiste Domeinnaam gestuurd. Op 28 augustus 2025 heeft het Register per e-mail aan het Center het antwoord op het verificatieverzoek toegezonden, waarin het Register bevestigde dat de Verweerder geregistreerd staat als de houder van de registratie en waarin het Register de contactgegevens van de Verweerder overlegde. Het Center heeft op 1 september 2025 een e-mail aan de Klager gestuurd met de door het Register verstrekte informatie over de Verweerder en diens contactgegevens, en de Klager uitgenodigd om een wijziging van de Klacht in te dienen. De Klager heeft diezelfde dag een gewijzigde Klacht ingediend. Het Center heeft geverifieerd dat de Klacht voldoet aan de formele vereisten van de .eu Alternative Dispute Resolution Voorschriften (de “ADR-Voorschriften”) en de WIPO Aanvullende ADR-Voorschriften (de “Aanvullende Voorschriften”). Overeenkomstig paragraaf B(2) van de ADR-Voorschriften heeft het Center de Verweerder formeel op de hoogte gesteld van de Klacht en is de procedure op 4 september 2025 aangevangen. Overeenkomstig de ADR-Voorschriften, paragraaf B(3), was de laatste datum voor het indienen van de Reactie 24 september 2025. Het Center heeft geen Reactie ontvangen en heeft op 26 september 2025 de mededeling van verstek verzonden.
page 2 Het Center heeft op 30 september 2025 Flip Jan Claude Petillion aangesteld als Arbiter in deze zaak. De Arbiter stelt vast dat hij correct is benoemd. De Arbiter heeft de Verklaring van Onpartijdigheid en Onafhankelijkheid overgelegd, zoals vereist overeenkomstig de ADR-Voorschriften, paragraaf B(5). 4. Feitelijke achtergrond De Klager, Stichting YPIP, is houder van verschillende merkregistraties voor het woordmerk GOUDEN GIDS, waaronder de volgende: - GOUDEN GIDS, Benelux woordmerk ingeschreven bij het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom (“BOIP”) onder het nr. 155004 op 1 juni 1988, voor diensten in klassen 35, 38, 41 en 42, waaronder het verstrekken van bedrijfsinformatie aan leveranciers en klanten. De Domeinnaam werd op 7 augustus 2025 geregistreerd. Volgens een niet gedateerd stuk van de Klager was de Domeinnaam verbonden aan een website die het merk van de Klager vermelde en gelijkaardige diensten aanbood. De Domeinnaam verwijst momenteel niet naar een actieve website. Volgens de stukken van de Klager zouden ook e-mails en facturen zijn verstuurd vanuit een e-mailadres verbonden aan de Domeinnaam. 5. De beweringen van partijen A. Klager De Klager stelt dat de Domeinnaam vrijwel identiek is aan het GOUDEN GIDS merk van de Klager. De Klager is van oordeel dat de Verweerder geen rechten of gerechtvaardigde belangen heeft ten aanzien van de Domeinnaam. De Klager stelt dat de Verweerder geen eerdere handelsmerken of handelsnamen bezit die hem het recht zouden geven om gebruik te maken van het “inbreukmakende merk [sic]” en de Domeinnaam. Volgens de Klager maakt de Verweerder dus op onrechtmatige wijze oneerlijk commercieel gebruik van de Domeinnaam, met de bedoeling commercieel voordeel te behalen, consumenten op misleidende wijze af te leiden en de betrokken merkregistraties in diskrediet te brengen. Ten slotte stelt de Klager dat de registratie en het gebruik van de Domeinnaam door de Verweerder te kwader trouw zijn. Volgens de Klager heeft de Verweerder de Domeinnaam voornamelijk geregistreerd om commercieel voordeel te behalen door zich voor te doen als het echte bedrijf Gouden Gids. De Klager stelt dat de Verweerder opzettelijk heeft geprobeerd Internetgebruikers naar zijn website te lokken door verwarring te zaaien over de herkomst, affiliatie of goedkeuring van de website van de Verweerder ten opzichte van het merk van de Klager. Volgens de Klager hebben veel klanten van de Klager bovendien frauduleuze facturen ontvangen voor hun vermelding in de Gouden Gids. De Klager stelt dat het gedrag van de Verweerder de bedrijfsvoering van de Klager ernstig verstoort, aangezien het de reputatie van het merk GOUDEN GIDS en de daarmee verband houdende handelsmerken aantast. B. Verweerder Verweerder heeft geen Reactie op de Klacht ingediend. 6. Oordeel en bevindingen Op grond van paragraaf B(11)(d)(1) van de ADR-Voorschriften dient Klager te bewijzen dat: (i) de Domeinnaam identiek is aan of verwarrend veel lijkt op een naam waarvoor een recht wordt erkend of vastgesteld door het nationale recht van een lidstaat en/of het recht van de Europese Unie en; of
page 3 (ii) de Domeinnaam door de Verweerder geregistreerd is zonder rechten of legitiem belang bij de naam; of (iii) de Domeinnaam te kwader trouw is geregistreerd of wordt gebruikt. A. De domeinnaam is identiek aan of vertoont verwarrende gelijkenis met de aanduiding of aanduidingen ten aanzien waarvan een recht wordt erkend of vastgesteld door het nationale en/of recht van de Europese Unie Om te kunnen uitmaken of de Domeinnaam identiek is aan of een verwarrende gelijkenis vertoont met de aanduiding of aanduidingen ten aanzien waarvan een recht wordt erkend of vastgesteld door het nationale en/of recht van de Europese Unie, moet eerst worden onderzocht of de Klager rechten kan doen gelden op het merk waarop het zich beroept. De Klager toont aan te beschikken over in Europa geregistreerde merken met betrekking tot de benaming “GOUDEN GIDS”. De Domeinnaam bevat het GOUDEN GIDS merk van de Klager in zijn geheel zonder enige toevoeging behalve een koppelteken tussen de twee woorden. Het is algemeen aanvaard dat de toevoeging van het Top-Level Domain (hier “.eu”) buiten beschouwing kan worden gelaten bij het vergelijken van overeenkomstigheden tussen een domeinnaam en een merk. Zie Arizen and Coinhouse t. Tim Bloksdam, WIPO Zaak nr. DEU2018-0008 en D’Ieteren Group SA t. Nom anonymisé, WIPO Zaak nr. DEU2023-0017. De Arbiter is dan ook van oordeel dat is voldaan aan paragraaf B(11)(d)(1)(i) van de ADR-Voorschriften. B. Rechten op of gerechtvaardigde belangen bij de domeinnaam Op grond van Paragraaf B(11)(d)(1)(ii) van de ADR-Voorschriften is het aan de Klager om aan te tonen dat Verweerder geen rechten of legitieme belangen heeft met betrekking tot de Domeinnaam. Eerdere panels zijn het erover eens dat het voldoende is dat een klager prima facie aantoont dat de verweerder geen rechten of legitieme belangen heeft in de betwiste domeinnaam, waarna de verweerder in de gelegenheid wordt gesteld om aan te tonen dat zij wel beschikt over een recht of gerechtvaardigd belang bij de betwiste domeinnaam. Zie onder meer Tenaris Connections BV v. Cristian Liviu Panea, BisonMedia, WIPO Zaak nr. DEU2017-0007 en Lidl Stiftung & Co. KG v. Name Redacted, WIPO Zaak nr. DEU2018-0012; zie ook WIPO Overview on WIPO Panel Views on Selected UDRP Questions, Third Edition (“WIPO Overview 3.0”), sectie 2.1.1 De Arbiter is van oordeel dat de Klager prima facie bewijs heeft aangebracht dat de Verweerder geen recht of legitiem belang heeft in de Domeinnaam en dat de Verweerder, door niet op de Klacht te reageren, er niet in slaagt om dit met aannemelijk bewijsmateriaal te weerleggen. De Arbiter merkt op dat de Verweerder Derk Arbitrium heet, van de organisatie Arbi, en dus niet bij het publiek bekend staat onder de Domeinnaam of gelijknamige handels- of dienstmerken heeft verkregen. De registratie en het gebruik van de Domeinnaam werd niet door de Klager toegestaan. In wezen wordt het gebruik van een domeinnaam door een verweerder niet als “rechtmatig” beschouwd indien dit ten onrechte een verbondenheid met de merkhouder suggereert. De band tussen de domeinnaam en het merk van de klager is vaak een centraal element in deze beoordeling. In het algemeen oordelen UDRP-panels dat domeinnamen die identiek zijn aan het merk van een klager een groot risico van vermeende band met zich meebrengen. WIPO Overview 3.0, sectie 2.5.1. 1Gezien de overeenstemming tussen de ADR-Voorschriften en de Uniform Domain Name Dispute Resolution Policy (“UDRP”), beschouwt de Arbiter sommige UDRP-precedenten relevant voor de huidige procedure en zal de Arbiter waar toepasselijk daarnaar verwijzen.
page 4 In de huidige zaak is de Domeinnaam virtueel identiek aan het GOUDEN GIDS merk van de Klager aangezien de enige toevoeging een koppelteken is tussen de twee woorden. In combinatie met het gebruik van de Domeinnaam (zie verder) vindt de Arbiter dan ook dat de Domeinnaam een band met het merk van de Klager suggereert, wat geen rechtmatig gebruik uitmaakt. Naast het onderzoeken van de domeinnaam en de aard van eventuele daaraan toegevoegde termen, beoordelen UDRP-panels of de algemene feiten en omstandigheden van het geval – waaronder het gebrek aan een reactie van de verweerder – al dan niet steun bieden aan een rechtmatig gebruik. WIPO Overview 3.0, secties 2.5.2 en 2.5.3. Volgens een niet gedateerd maar ook niet betwist stuk van de Klager blijkt dat de Domeinnaam verwees naar een website die het merk van de Klager vermelde en gelijkaardige diensten aanbood. Bovendien toont de Klager aan dat er e-mails en facturen werden verzonden vanuit een e-mailadres verbonden aan de Domeinnaam, waarin het merk van de Klager vermeld staat en waaruit blijkt dat de verzender zich voordeed als de Klager. De Arbiter is van oordeel dat de bovenstaande elementen duidelijke aanwijzingen zijn van onwettig gebruik van de Domeinnaam. Vorige UDRP-panels hebben uitdrukkelijk geoordeeld dat het gebruik van een domeinnaam voor illegale activiteiten (zoals de verkoop van namaakgoederen, phishing, het zich voordoen als een ander, misleiding of andere vormen van fraude) nooit rechten of legitieme belangen aan een verweerder kan verlenen. WIPO Overview 3.0, sectie 2.13.1. De Verweerder heeft de gelegenheid gehad om zijn rechten of legitieme belangen aan te tonen, maar heeft dat niet gedaan. Bij gebrek aan reactie van de Verweerder is het door de Klager geleverde prima facie bewijs niet weerlegd. Bijgevolg is de Arbiter van oordeel dat het voldoende aannemelijk is gemaakt dat de Verweerder geen rechten of legitieme belangen heeft in de Domeinnaam. C. Registratie of gebruik te kwader trouw Overeenkomstig Paragraaf B(11)(d)(1) van de ADR-Voorschriften worden (ii) het gebrek aan rechten op of gerechtvaardigde belangen bij de domeinnaam en (iii) registratie of gebruik te kwader trouw beschouwd als alternatieve voorwaarden. Aangezien de Arbiter reeds heeft vastgesteld dat het voldoende aannemelijk is gemaakt dat de Verweerder geen recht of legitiem belang heeft in de Domeinnaam moet er in principe niet meer in overweging worden genomen of de Domeinnaam ook is geregistreerd of gebruikt te kwader trouw. Niettegenstaande zal de Arbiter volledigheidshalve ook deze derde voorwaarde behandelen. Paragraaf B11(f) van de ADR-Voorschriften bevat een niet-limitatieve lijst van omstandigheden die kwade trouw kunnen aantonen. Tot deze lijst behoort de volgende omstandigheid: de domeinnaam is opzettelijk gebruikt om Internetgebruikers, voor commercieel gewin, naar de website van de verweerder of een andere online locatie te lokken, door gevaar voor verwarring te creëren met een naam waarvoor een recht is erkend of vastgesteld door het nationale recht en/of het recht van de Europese Unie, met een zodanige waarschijnlijkheid dat de bron, sponsoring, aansluiting bij of goedkeuring van de website of locatie of van een product of dienst op de website of locatie van de verweerder ontstaat. Het feit dat de Verweerder kennis had van de Klager en/of zijn merken ten tijde van de registratie van de Domeinnaam kan onder omstandigheden zijn kwade trouw aantonen. Zie Red Bull GmbH v. Credit du Léman SA, Jean-Denis Deletraz, WIPO Case No. D2011-2209; Nintendo of America Inc v. Marco Beijen, Beijen Consulting, Pokemon Fan Clubs Org., and Pokemon Fans Unite, WIPO Case No. D2001-1070. In de huidige zaak is de Arbiter van oordeel dat de Verweerder kennis had van de rechten van de Klager in het GOUDEN GIDS merk ten tijde van de registratie van de Domeinnaam. De Domeinnaam is nagenoeg identiek aan dit merk, die meer dan 30 jaar voor de Domeinnaam werd geregistreerd.
page 5 Het gebruik van de Domeinnaam is er volgens de Arbiter duidelijk op gericht om commercieel gewin te halen uit de verwarring die ontstaat met de Klager en diens merk. Dit blijkt zowel uit het gebruik van een verwarrende website als van het gebruik van een e-mailadres verbonden aan de Domeinnaam om onder andere facturen te sturen. Aangezien het gebruik van een domeinnaam voor onrechtmatige activiteiten, zoals identiteitsmisbruik of misleiding, nooit rechten of legitieme belangen aan een verweerder kan verlenen, wordt dergelijk gedrag duidelijk beschouwd als bewijs van kwade trouw. WIPO Overview 3.0, sectie 3.1.4. Het feit dat de Domeinnaam momenteel verwijst naar een inactieve webpagina staat een vaststelling van kwade trouw niet in de weg. Doordat de Verweerder niet op de Klacht heeft gereageerd, heeft hij geen enkele poging ondernomen om het voorgaande te betwisten. De Arbiter kan hieruit de conclusies trekken die het passend acht. Gezien het voorgaande is de Arbiter van oordeel dat Verweerder de Domeinnaam te kwader trouw heeft geregistreerd en gebruikt en dat de Klager voldoet aan de voorwaarden van paragraaf B(11) van de ADR-Voorschriften. 7. Beslissing Om de voorgaande redenen, in overeenstemming met Paragraaf B (11) van de ADR-Voorschriften, beveelt de Arbiter dat de betwiste Domeinnaam wordt overgedragen aan de Klager.2 /Flip Jan Claude Petillion/ Flip Jan Claude Petillion Arbiter Datum: 14 oktober 2025 2(i) De beslissing wordt door het Register binnen dertig (30) dagen na kennisgeving van de beslissing aan de Partijen ten uitvoer gelegd, tenzij de Verweerder een gerechtelijke procedure start in een Wederzijdse Jurisdictie, zoals uitgelegd in Paragraaf A(1) van de ADR-Voorschriften. (ii) Gezien de Klager gevestigd is in het Koninkrijk der Nederlanden, een lidstaat van de Europese Unie, voldoet de Klager aan de algemene toelatingscriteria voor registratie zoals uiteengezet in Artikel 3 Verordening (EU) 2019/517. Om deze reden heeft de Klager het recht om de overdracht van de Domeinnaam te verzoeken.
page 6 English summary In accordance with Paragraphs B(12)(i) of the ADR Rules and 14 of the WIPO Supplemental Rules for the ADR Rules, below is a brief summary in English of WIPO Decision No. DEU2025-0021: 1. The Complainant is Stichting YPIP, Kingdom of the Netherlands, and the Respondent is Derk Arbitrium, Arbi, Belgium. 2. The disputed domain name is . The disputed domain name was registered on August 7, 2025, with EURid vzw and currently resolves to an inactive page. According to the Complainant’s evidence, the disputed domain name used to resolve to a website mentioning the Complainant’s mark and appearing to offer services similar to the Complainant’s services. The Complainant also provides evidence of emails and invoices sent using an email address linked to the disputed domain name. 3. The Complaint was filed in Dutch on August 26, 2025. On September 1, 2025, the Complainant filed an amended Complaint, based on the registrant and contact information provided by the Center following the Registrar verification response. The Center formally notified the Respondent of the Complaint and the proceedings commenced on September 4, 2025, with the response being due on September 24, 2025. The Respondent did not file a response. The Panel, Flip Petillion, was appointed on September 30, 2025. 4. The Complainant has several registered trademarks including a Benelux word mark for GOUDEN GIDS (Registration Number 155004) registered on June 1, 1988. 5. Pursuant to Article 9 of the Regulation (EU) No. 2020/857 and Paragraph B(11)(d)(1)(i)-(iii) of the ADR Rules, the Panel finds that: The disputed domain name is virtually identical and at least confusingly similar to the Complainant’s mark. The Respondent has no rights or legitimate interests in the disputed domain name. The Respondent has registered and is using the disputed domain name in bad faith. In accordance with Paragraph B(11) of the ADR Rules the Panel decides that the disputed domain name be transferred. The Complainant is located in a Member State of the European Union and therefore entitled to request the transfer of the disputed domain name.
Full & Egal Universal Law Academy