ARBITRATION AND MEDIATION CENTER UITSPRAAK GESCHILLENBESLECHTER HanoDrive B.V. v. Rijschool Hanoman Zaaknr. DNL2023-0018 1. Partijen De Eiser is HanoDrive B.V., het Koninkrijk der Nederlanden, vertegenwoordigd door Dirkzwager advocaten en notarissen N.V., het Koninkrijk der Nederlanden. De domeinnaamhouder is Rijschool Hanoman, het Koninkrijk der Nederlanden (de "Verweerder"), vertegenwoordigd door Advocatenkantoor De Boorder, het Koninkrijk der Nederlanden. De effectieve gebruiker en belanghebbende van de domeinnaam in deze procedure is Ranish Hanoman h.o.d.n. Rijschool Hanoman, het Koninkrijk der Nederlanden. 2. De Domeinnamen en Registrar De onderhavige domeinnamen, en (de "Domeinnamen"), zijn geregistreerd bij SIDN via Metaregistrar B.V. De Domeinnamen worden ook afzonderlijk vermeld als "Domeinnaam " respectievelijk "Domeinnaam ". 3. Geschiedenis van de Procedure De Eis is ingediend bij het WIPO Arbitration and Mediation Center (het "Instituut") op 30 juni 2023. Het Instituut heeft op 3 juli 2023 per e-mail een verificatieverzoek aan SIDN gestuurd met betrekking tot de Domeinnamen. In antwoord hierop heeft SIDN op 4 juli 2023 per e-mail de domeinnaamhouder en zijn contactgegevens vrijgegeven die verschillen van de in de aanvankelijk ingediende Eis genoemde verweerder en contactgegevens. Op 5 juli 2023 heeft het Instituut een e-mail aan Eiser gestuurd, waarin de door SIDN bekendgemaakte informatie wordt verstrekt en de Eiser wordt verzocht om de Eis dienovereenkomstig aan te passen. De Eiser heeft op 6 juli 2023 een aangepaste Eis ingediend. Het Instituut heeft vastgesteld dat de Eis zoals aangepast voldoet aan de formele vereisten van de Geschillenregeling voor .nl-domeinnamen (de "Regeling"). pagina 2 Overeenkomstig de artikelen 5.1 en 16.4 van de Regeling heeft het Instituut de Verweerder formeel op de hoogte gesteld van de Eis en is de procedure op 11 juli 2023 aangevangen. In overeenstemming met artikel 7.1 van de Regeling was de laatste datum voor het indienen van het Verweerschrift 31 juli 2023. Het Verweerschrift is bij het Instituut ingediend op 1 augustus 2023. Op 1 augustus 2023, hebben de Partijen nadere stukken ingediend. Op 11 augustus 2023 heeft SIDN het mediation proces aangevangen. Op 29 september 2023 en 30 oktober 2023 heeft SIDN het mediation proces verlengd tot 29 oktober 2023 en 29 november 2023 respectievelijk. Op 17 november 2023 heeft SIDN aan Partijen en het Instituut bevestigd dat het geschil niet door middel van het mediation proces is opgelost. Op 27 november en 8 december 2023, heeft de Eiser nadere stukken ingediend en op 1 december 2023 heeft de Verweerder nadere stukken ingediend. Het Instituut heeft Wolter Wefers Bettink op 5 december 2023 benoemd als Geschillenbeslechter in deze zaak. De Geschillenbeslechter stelt vast dat de Geschillenbeslechter correct is benoemd. De Geschillenbeslechter heeft de Verklaring van Onpartijdigheid en Onafhankelijkheid aan het Instituut overgelegd, zoals vereist overeenkomstig artikel 9.2 van de Regeling. 4. Feitelijke Achtergrond Op basis van de niet of onvoldoende weersproken stellingen van partijen, de overgelegde bewijsstukken en eigen onderzoek van de Geschillenbeslechter kan een aantal feiten worden vastgesteld. Eiser is een auto- en motorrijschool gevestigd te Vianen en tegenwoordig te Utrecht. Op 1 november 1985 heeft de heer Madansain Ramdjan Hanoman een auto- en motorrijschool als eenmanszaak opgericht onder de naam Rijschool Hanoman. Omdat het in deze procedure om verschillende familieleden met de naam Hanoman gaat zal de heer Madansain Ramdjan Hanoman hierna worden aangeduid als "Hanoman I". Uit het Handelsregister blijkt dat de onderneming van 1994 tot 2005 werd gedreven in de vorm van een vennootschap onder firma (V.O.F.) onder de handelsnaam Ran Hanoman, met als vennoten Hanoman I en, tot 1 januari 2003, Jagessar). Met ingang van 12 februari 2003 hebben Hanoman I en Jagessar een nieuwe V.O.F. opgericht en zij zijn per 1 januari 2005 uitgetreden uit de vennootschap. Blijkens het Handelsregister heeft de onderneming per 31 mei 2007 haar activiteiten gestaakt. Per 30 mei 2007 is de onderneming Ran Hanoman Ltd. opgericht, die is ingeschreven in het Handelsregister in de categorie Auto- en motorrijscholen, met als enig bestuurder Hanoman I. Blijkens die registratie is Ranoman Ltd. eveneens ingeschreven in het Companies Register in het Verenigd Koninkrijk. Uit het Handelsregister blijkt voorts dat per 1 juni 2007 de eenmanszaak Ran Hanoman is gevestigd, met vermelding dat Ran Hanoman Ltd. de hoofdvestiging is. De bedrijfsomschrijving is 'Auto- en motorrijschool, groot- en detailhandel in computers en LCD projectoren alsmede het geven van theorielessen'. Deze eenmanszaak is blijkens het Handelsregister per 1 januari 2012 opgeheven. Ran Hanoman Ltd. is op 19 januari 2016 uitgeschreven uit het Handelsregister wegens opheffing daarvan. Op 1 januari 2016 is Eiser (Hanodrive B.V.) opgericht, waarvan sinds 1 september 2021 enig bestuurder is Krishant Gaurish Hanoman ("Hanoman II"), zoon van Hanoman I. Sedert 21 september 2022 is Hanoman II ingeschreven als enig aandeelhouder van Eiser. De Domeinnaam is op 16 mei 2001 geregistreerd en staat op naam van Verweerder. De Domeinnaam is op 25 mei 2016 geregistreerd en staat eveneens op naam van Verweerder. Hanoman I is in december 2021 overleden. Tussen Hanoman II en Verweerder, ook een zoon van Hanoman I, is een geschil ontstaan over de erfenis van Hanoman I, waarin Verweerder zich op het standpunt stelt dat hem als onderdeel van de erfenis een deel van de aandelen in Eiser toekomt. De Domeinnaam verbindt op dit moment met een 'place holder' pagina van Hanoman Hospitality Management, een onderneming van Verweerder. De Domeinnaam is niet verbonden met een website. Op de Wayback Machine (www.archive.org) is te zien dat onder de Domeinnaam pagina 3 tussen 14 augustus 2016 en 5 maart 2023 een aantal webpagina's is opgeslagen waarop de handelsnaam "Hanodrive" wordt gebruikt, evenals "Rijschool Hanodrive", met uitgebreide informatie over het volgen van rijlessen bij Eiser. Als contactadres is vermeld [...] Vianen, het vorige adres van Eiser en, vanaf 2023, [...] Utrecht, het huidige adres van Eiser. 5. Stellingen van Partijen A. Eiser Eiser's feitelijke en juridische stellingen worden hierna weergegeven. In zijn Nadere stukken van 1 augustus 2023 heeft Eiser er op gewezen dat het Verweer te laat is ingediend en hiertegen bezwaar gemaakt. De Domeinnaam is op 16 mei 2001 geregistreerd door "Hanodrive", waarmee Eiser in de Eis zowel de eenmanszaak (van 1985 tot 1994), de V.O.F. (van 1994 tot 31 mei 2007), Ran Hanoman Ltd. (vanaf 1 juni 2007) als Hanodrive B.V. aanduidt. De Domeinnaam wordt sinds 2016 gebruikt als een doorlink (redirect) naar de website onder . De Domeinnamen worden door Eiser eveneens gebruikt als e-maildomein. Eiser voert sinds haar oprichting zowel de handelsnaam 'HanoDrive' alsook de handelsnaam 'Hanoman', in de praktijk vaak met de extensie ".nl" of met toevoeging van het woord "Rijschool". Eiser is rechthebbende op de Nederlandse handelsnamen 'HanoDrive' (sinds 2016) en 'Hanoman' (sinds 1985) en de door Verweerder gehouden en gebruikte Domeinnamen zijn identiek aan of stemmen overeen met deze handelsnamen. De namen 'HanoDrive' en 'Hanoman' vormen de kenmerkende bestanddelen van de Domeinnamen, terwijl het country code Top Level Domein ("ccTLD") ".nl" bij de beoordeling van overeenstemming buiten beschouwing moeten worden gelaten. Nu de Domeinnamen identiek zijn aan de handelsnamen kunnen zij bij het publiek ten onrechte de indruk wekken dat zij van Eiser zijn of dat Verweerder een - niet bestaande - juridische of economische band met Eiser heeft. Verweerder heeft geen recht op of legitiem belang bij de Domeinnamen. De Domeinnamen zijn door Verweerder ten behoeve van Eiser geregistreerd. Verweerder heeft destijds in overleg met Hanoman I, de eigenaar van Eiser, het beheer van de Domeinnamen op zich genomen, maar deze zijn niet aan Verweerder overgedragen en deze zijn zonder toestemming van Eiser op naam van Verweerder gesteld. Er zijn ook geen afspraken gemaakt op grond waarvan Verweerder de Domeinnamen zou mogen gebruiken. Verweerder heeft recentelijk aangekondigd de Domeinnamen offline te laten halen of te verkopen, of de server stop te zetten, hetgeen een acuut continuïteitsrisico oplevert voor de bedrijfsvoering van Eiser. De Domeinnamen worden door Verweerder niet gebruikt voor legitieme niet-commerciële doeleinden, omdat Verweerder dreigt de website van Eiser onbereikbaar te maken via de Domeinnamen.Er is sprake van gebruik te kwader trouw omdat Verweerder weigert de Domeinnamen aan Eiser over te dragen, terwijl Verweerder deze gebruikt om de bedrijfsactiviteiten van Eiser te verstoren, hetgeen ernstige gevolgen zal hebben voor de continuïteit van de bedrijfsvoering van Eiser. B. Verweerder Verweerder brengt de volgende punten naar voren. In zijn Nadere stukken stelt Verweerder dat het Verweerschrift op 31 juli 2023 kennelijk is ingediend op een verkeerd e-mail adres, met kopie aan Eiser, dat het Verweerschrift op 1 augustus 2023 op het juiste e-mail adres is ingediend en dat Eiser derhalve geen nadeel heeft ondervonden van de te late indiening en ook de procedure geen vertraging heeft opgelopen. pagina 4 Hanoman I heeft zijn eenmanszaak niet ingebracht in Eiser. De handelsnaam "Hanoman" is gebruikt door de eenmanszaak van Hanoman I en daarna door Hanoman Ltd., maar niet door Eiser. De bewijsstukken die Eiser van dit handelsnaamgebruik heeft ingediend stammen van voor de oprichting van Eiser en de daarop weergegeven telefoonnummers bestaan niet meer. Onjuist is dat Eiser in 2001 de Domeinnaam heeft geregistreerd, want Eiser bestond toen nog niet. Eiser heeft de handelsnaam "Hanoman" in 2016 geregistreerd, maar deze is niet door Eiser gebruikt. Eiser heeft de Domeinnamen op 10 maart 2020 rechtsgeldig aan Verweerder overgedragen. 6. Oordeel en Bevindingen Procedurele aspecten Ten aanzien van Eiser's bezwaar tegen de te late indiening van het Verweerschrift overweegt de Geschillenbeslechter als volgt. Het Verweerschrift is op 31 juli 2023, de laatste dag van de termijn, ingediend op een verkeerd e-mail adres, met kopie aan Eiser. Verweerder heeft het Verweerschrift vervolgens op 1 augustus 2023 op het juiste email adres ingediend. Gezien de geringe overschrijding van de termijn met één dag, het feit dat Eiser het Verweerschrift op 31 juli 2023 - derhalve binnen de termijn - heeft ontvangen en het feit dat partijen nadien ruim drie maanden hebben onderhandeld over een minnelijke oplossing van het geschil, oordeelt de Geschillenbeslechter dat Eiser geen nadeel heeft ondervonden van de te late indiening en ook dat de procedure geen noemenswaardige vertraging heeft opgelopen. Het bezwaar van Eiser wordt afgewezen. Verweerder heeft bij zijn Verweerschrift een verklaring d.d. 27 juli 2023 van de oom van Verweerder en Hanoman II ("Hanoman III") overgelegd, waarin deze onder meer zijn visie geeft op de gang van zaken bij de overdracht van de aandelen in Eiser en de overdracht van de Handelsnamen. Eiser heeft vervolgens een nader stuk ingediend met een latere verklaring van Hanoman III, waarin hij zijn eerdere verklaring met ingang van 1 augustus 2023 intrekt. Tevens heeft Eiser een nader stuk overgelegd, waarin Hanoman II zijn uitleg van de verklaring van Hanoman III geeft. Daarop heeft Verweerder als nader stuk een reactie op deze verklaring van Hanoman II overgelegd, alsmede stukken die zouden aantonen dat Hanoman III's verklaring van 1 augustus 2023 is gemaakt onder dwang. Daarop heeft Eiser per e-mail van 8 december 2023 laten weten dat hij hierop niet zal reageren, omdat de nadere stukken volgens hem een onjuist en vertekend beeld van de situatie geven en voor de beoordeling van het domeinnaamgeschil irrelevant zijn. Op grond van artikel 11.2 van de Regeling is het aan de Geschillenrechter om te beoordelen of nadere stukken worden toegelaten. De Geschillenbeslechter zal de hierboven vermelde nadere stukken buiten beschouwing laten bij de beoordeling van dit geschil, omdat de verklaringen van Hanoman III tegenstrijdig zijn, evenals de daarop ziende verklaringen van Hanoman II en Verweerder, terwijl deze procedure zich niet leent voor een getuigenverhoor of een andere vorm van waarheidsvinding. Materiële beoordeling Op grond van artikel 2.1 van de Regeling dient Eiser in dit geschil te stellen en te bewijzen dat: a) de Domeinnamen identiek zijn aan of zodanig overeenstemmen dat er verwarring kan ontstaan met: I. een naar Nederlands recht beschermd merk of handelsnaam waarvan Eiser rechthebbende is; dan wel II. een in een Nederlandse gemeentelijke basisadministratie geregistreerde persoonsnaam, dan wel een naam van een Nederlandse publiekrechtelijke rechtspersoon of een naam van een in Nederland gevestigde vereniging of stichting waaronder Eiser duurzaam aan het maatschappelijke verkeer deelneemt; en b) Verweerder geen recht heeft op of legitiem belang heeft bij de Domeinnamen; en c) de Domeinnamen te kwader trouw zijn geregistreerd of te kwader trouw worden gebruikt. pagina 5 De Geschillenbeslechter voegt hieraan toe dat de Regeling is gebaseerd op de Uniform Domain Name Dispute Resolution Policy ("UDRP"). De UDRP biedt een procedure om evidente gevallen van domeinnaamkaping (cybersquatting) op een effectieve en efficiënte wijze tegen relatief beperkte kosten aan te pakken. Hoewel de Regeling in bepaalde opzichten een ruimere strekking heeft dan de UDRP - onder meer omdat de Regeling naast merken ook rechten op o.a. handelsnamen beschermt - heeft de Regeling hetzelfde oogmerk.0F1 A. Feiten Partijen betwisten de feiten over en weer op een groot aantal punten. Voor de beslechting van dit geschil is niet van belang dat partijen elkaar (een deel van) de erfenis van Hanoman I betwisten, dat is een kwestie waarover eventueel de civiele rechter zal moeten oordelen. Wel moeten, voordat een oordeel in dit domeinnaamgeschil kan worden gegeven, de feiten ten aanzien van de Domeinnamen en de relevante handelsnaamrechten worden vastgesteld. Handelsnaamrechten Naar Nederlands recht ontstaat een handelsnaamrecht door het voeren in het handelsverkeer van een handelsnaam voor een onderneming. Handelsnaamrechten kunnen alleen worden overgedragen tezamen met de betreffende onderneming. Degene (rechtspersoon of natuurlijk persoon) die zich op zijn handelsnaamrechten beroept zal het verkrijgen van deze rechten in een procedure als de onderhavige aannemelijk moeten maken. Daartoe moet hij aantonen, hetzij dat hij de handelsnaam in het handelsverkeer heeft gevoerd voor zijn onderneming, hetzij dat hij handelsnaamrechten heeft verkregen doordat deze tezamen met de betreffende onderneming aan hem zijn overgedragen aan of zijn ingebracht in zijn onderneming. Eiser beroept zich in deze procedure op handelsnaamrechten op de handelsnamen "Hanoman" en "Hanodrive", al dan niet gevolgd door de toevoeging ".nl" en/of in combinatie met het woord "Rijschool". Verweerder betwist op een aantal gronden dat Eiser rechten op deze handelsnamen heeft verkregen. Voor zover van belang voor de beslissing in deze zaak komen de stellingen van partijen hierna aan de orde. Handelsnaam Hanoman Voor zover Eiser zich beroept op rechten die zijn ontstaan vóór de oprichting van HanoDrive B.V. is in deze procedure onvoldoende komen vast te staan dat eventuele handelsnaamrechten van de eenmanszaak (uit de periode 1985-1994) en/of de V.O.F. Ran Hanoman (uit de periode 1994-2007) en/of Ran Hanoman Ltd. (vanaf 1 juni 2007) rechtsgeldig zijn overgedragen aan of ingebracht in Eiser door overdracht of inbreng van de betreffende onderneming. Dat heeft Eiser wel gesteld, maar wordt door Verweerder betwist en bewijs van die overdracht of inbreng (bijvoorbeeld middels een overdrachtsakte of inbrengakte) is niet overgelegd. Eiser stelt daarnaast vanaf 2016 de handelsnaam "Hanoman" te hebben gebruikt en legt als bewijs daarvan onder meer over: (i) een visitekaartje op naam van Auto- en Motorrijschool Ran Hanoman, (ii) een blanco voorbeeld van een lesovereenkomst met briefhoofd van Auto- en Motorrijschool Hanoman, (iii) een factuur uit 2005 en een briefje uit 2006 met het stempel van Auto- en Motorrijschool Hanoman, (iv) een ingevulde lesovereenkomst met briefhoofd van Auto- en Motorrijschool Hanoman, gedateerd 2 april 2011 en (v) een aantal ongedateerde foto's van motorpakken, hesjes en auto's met opdruk "Hanoman.nl". De bewijsstukken (i), (ii) en (v) kunnen niet dienen als bewijs van Eiser's stelling dat hij vanaf 2016 de handelsnamen 'Hanoman" heeft gebruikt, omdat zij niet zijn gedateerd en daaruit evenmin blijkt dat Eiser degene is of was die de betreffende documenten en materialen in het handelsverkeer heeft gebruikt. Niet 1Gezien het feit dat de Regeling verregaand gebaseerd is op de UDRP, beschouwt de Geschillenbeslechter UDRP precedent, en dus WIPO Overview of WIPO Panel Views on Selected UDRP Questions, Third Edition ("WIPO Overview 3.0"), als relevant voor de huidige procedure en zal hij waar toepasselijk daarnaar verwijzen (zie onder meer Aktiebolaget Electrolux v. Beuk Horeca B.V., WIPO Zaaknr. DNL2008-0050). pagina 6 uitgesloten is immers dat dat gebruik moet worden toegerekend aan de eenmanszaak, de V.O.F. en/of Ranoman Ltd. Voorts kunnen bewijsstukken (iii) en (iv) niet dienen als bewijs dat Eiser de betreffende handelsnaamrechten heeft verworven, nu zij dateren van (ver) voor 1 januari 2016 (de oprichtingsdatum van Eiser). Gezien de datering van deze bewijsstukken stammen zij uit de periode van de V.O.F. (iii) respectievelijk Hanoman Ltd. (iv). Nu bovendien, zoals hierboven overwogen, niet of onvoldoende is gesteld, althans onderbouwd, dat eventuele handelsnaamrechten van (rechts)voorgangers van Eiser - wat daar overigens van zij - zijn ingebracht in Eiser, heeft Eiser niet aangetoond dat hij rechten heeft op de handelsnaam "Hanoman", al dan niet in combinatie met "Rijschool" of ".nl". De vordering tot wiziging van de domeinnaamhouder van de Domeinnaam moet reeds om die reden worden afgewezen. Dat sluit niet uit dat Eiser over de rechten op de handelsnaam "Hanoman" en de Domeinnaam een civiele procedure aanspant, waarin zo nodig ook de verschillende stellingen van partijen over hun rechten op de erfenis van Hanoman I aan de orde kunnen komen. Rechten op de handelsnaam Hanodrive Ten aanzien van het gebruik van de handelsnaam Hanodrive heeft Eiser een uittreksel uit het Handelsregister overgelegd, waaruit blijkt dat Eiser per 27 juni 2016 is ingeschreven met als handelsnaam "Hanodrive B.V.", alsmede (i) een visitekaartje van "Rijschool Hanodrive",(ii) een ingevulde lesovereenkomst met briefhoofd van Auto- en Motorrijschool Hanodrive van 8 november 2018, (iii) screenprints van enkele facebook berichten afkomstig van of gericht aan "Rijschool Hanodrive" uit de periode 11 juni 2016 tot en met 1 oktober 2019, (iv) een folder van "Rijschool Hanodrive", (v) een ongedateerde screenprint van een facebook pagina van "Rijschool Hanodrive" en (vi) een foto van een motorfiets met achterop een lesbord met opdruk "Hanodrive". Volgens Verweerder zou het hier gaan om 'oud gebruik' van de handelsnaam "Hanodrive", maar die stelling wordt niet nader onderbouwd. Nu voorts uit onderzoek met de Wayback Machine (www.archive.org) is gebleken dat tussen 14 augustus 2016 en (in elk geval) 10 juni 2023 webpagina's zijn opgeslagen onder de Domeinnaam waarop de handelsnamen "Hanodrive" en "Rijschool Hanodrive" worden gebruikt en informatie wordt gegeven over rijlessen, met vermelding van het adres van Eiser, concludeert de Geschillenbeslechter op basis van al het vorenstaande, in onderling verband bezien, dat Eiser genoegzaam heeft aangetoond dat hij de handelsnaam "Hanodrive" voert, althans tot voor kort heeft gevoerd, zodat hem de rechten op de handelsnaam "Hanodrive" toekomen. Deze wordt hierna aangeduid als de "Handelsnaam". A. Identiek of Verwarringwekkend Overeenstemmend Eiser heeft aangetoond dat hij rechthebbende is op de Handelsnaam. De Handelsnaam en de Domeinnaam stemmen zodanig overeen dat er verwarring kan ontstaan, omdat deze Domeinnaam de Handelsnaam bevat. Eiser heeft zich tegenover de Domeinnaam niet met zoveel woorden beroepen op de Handelsnaam en terzake ook geen specifieke feiten gesteld, maar, ook als zou worden aangenomen dat tussen de Handelsnaam en de Domeinnaam vanwege het element "hano" verwarring kan ontstaan, is Eiser niet geslaagd in het bewijs ten aanzien van het tweede element, zoals hierna wordt uiteengezet. Het ccTLD ".nl" is een technisch registratievereiste dat buiten beschouwing kan worden gelaten bij dit oordeel (zie Roompot Recreatie Beheer B.V. v. Edoco LTD, WIPO Zaaknr. DNL2008-0008). Op basis van deze overwegingen concludeert de Geschillenbeslechter dat ter zake van de Domeinnaam wel, maar wat betreft de Domeinnaam niet is voldaan aan de vereisten van artikel 2.1 onder a van de Regeling. pagina 7 B. Recht of Legitiem Belang Op grond van artikel 2.1 onder b van de Regeling moet Eiser aantonen dat Verweerder geen recht op of legitiem belang bij de Domeinnamen heeft. Daarbij is het uitgangspunt dat het volstaat dat Eiser daarvan prima facie bewijs levert, waarna Verweerder in de gelegenheid wordt gesteld om aan te tonen dat hij wel beschikt over een recht of legitiem belang bij de Domeinnamen (zie onder meer Accor v. Eren Atesmen, WIPO Zaaknr. D2009-0701; zie ook WIPO Overview 3.0, sectie 2.1). Gezien de conclusie onder A ten aanzien van de Domeinnaam kan dit onderdeel beperkt blijven tot de vraag of Verweerder recht op of legitiem belang heeft bij de Domeinnaam (hierna de "Domeinnaam"). Verweerder heeft niet bestreden dat de Domeinnaam oorspronkelijk is geregistreerd op naam van Eiser, maar heeft gesteld dat de Domeinnaam op 10 maart 2020 door Hanoman I - destijds directeur van Eiser - aan hem is overgedragen. Deze stelling heeft Eiser niet, althans onvoldoende bestreden. Eiser heeft wel de geldigheid van de overdracht betwist en gesteld dat Verweerder het houderschap van de Domeinnamen heeft verkregen door zijn vroegere betrokkenheid bij HanoDrive, maar heeft die stelling niet nader toegelicht en ter onderbouwing daarvan onvoldoende feiten gesteld en evenmin bewijsmateriaal overgelegd dat dwingt tot een andere conclusie. Nu de Domeinnaam op naam staat van Verweerder en deze procedure zich overigens niet leent voor een onderzoek naar de vraag of de wijziging van de tenaamstelling van de Domeinnaam rechtsgeldig is geschied, geldt als uitgangspunt dat Verweerder rechthebbende is op de Domeinnaam. In het kader van deze procedure betekent dit dat Verweerder een eigen recht op de Domeinnaam heeft en dat Eiser derhalve niet is geslaagd in het bewijs van artikel 2.1 onder b van de Regeling. Op basis van deze overwegingen concludeert de Geschillenbeslechter dat de vordering tot wijziging van de domeinnaamhouder van de Domeinnaam moet worden afgewezen. Ten overvloede overweegt de Geschillenbeslechter dat deze beslissing niet uitsluit dat Eiser een civiele procedure aanspant, waarin zo nodig ook de verschillende stellingen van partijen over hun rechten op de erfenis van Hanoman I aan de orde kunnen komen. C. Geregistreerd of Gebruikt te Kwader Trouw Nu Eiser niet is geslaagd in het bewijs van artikel 2.1 onder b van de Regeling, hoeft dit onderdeel niet meer te worden besproken. 7. Uitspraak Op basis van het bovenstaande wijst de Geschillenbeslechter de vordering af. /Wolter Wefers Bettink/ Wolter Wefers Bettink Geschillenbeslechter Datum: 2 januari 2024
Full & Egal Universal Law Academy