ARBITRATION AND MEDIATION CENTER UITSPRAAK GESCHILLENBESLECHTER Stichting Verpact, Stichting Uitvoeringsorganisatie Statiegeld v. Stefan De Wijn Zaaknr. DNL2025-0034 1. Partijen De Eisers zijn Stichting Verpact, Koninkrijk der Nederlanden, en Stichting Uitvoeringsorganisatie Statiegeld, Koninkrijk der Nederlanden, vertegenwoordigd door Intellect BV, Koninkrijk der Nederlanden (“Eisers”). De domeinnaamhouder is Stefan De Wijn, Koninkrijk der Nederlanden (“Verweerder”). 2. De Domeinnaam en Registrar De onderhavige domeinnaam (de “Domeinnaam”) is geregistreerd bij SIDN via mijn.host. 3. Geschiedenis van de Procedure De Eis is ingediend bij het WIPO Arbitration and Mediation Center (het “Instituut”) op 8 oktober 2025. Het Instituut heeft op 9 oktober 2025 per e-mail een verificatieverzoek aan SIDN gestuurd met betrekking tot de Domeinnaam. In antwoord hierop heeft SIDN op 10 oktober 2025 per e-mail de domeinnaamhouder en zijn contactgegevens vrijgegeven die verschillen van de in de aanvankelijk ingediende Eis genoemde verweerder en contactgegevens. Op 13 oktober 2025 heeft het Instituut een e-mail aan Eisers gestuurd, waarin de door SIDN bekendgemaakte informatie wordt verstrekt en Eisers worden verzocht om de Eis dienovereenkomstig aan te passen. Eisers hebben op 13 oktober 2025 een aangepaste Eis ingediend. Het Instituut heeft vastgesteld dat de Eis zoals aangepast voldoet aan de formele vereisten van de Geschillenregeling voor .nl-domeinnamen (de “Regeling”). Overeenkomstig de artikelen 5.1 en 16.4 van de Regeling heeft het Instituut de Verweerder formeel op de hoogte gesteld van de Eis en is de procedure op 14 oktober 2025 aangevangen. In overeenstemming met artikel 7.1 van de Regeling was de laatste datum voor het indienen van het Verweerschrift 3 november 2025.
pagina 2 Het Verweerschrift is bij het Instituut ingediend op 24 oktober 2025. Op 30 oktober 2025 heeft SIDN het mediation proces aangevangen. Op 24 november 2025 heeft SIDN aan Partijen en het Instituut bevestigd dat het geschil niet door middel van het mediation proces is opgelost. Het Instituut heeft Gregor Vos op 10 december 2025 benoemd als Geschillenbeslechter in deze zaak. De Geschillenbeslechter stelt vast dat de Geschillenbeslechter correct is benoemd. De Geschillenbeslechter heeft de Verklaring van Onpartijdigheid en Onafhankelijkheid aan het Instituut overgelegd, zoals vereist overeenkomstig artikel 9.2 van de Regeling. 4. Feitelijke Achtergrond Eisers zijn actief als uitvoeringsorganisaties binnen het Nederlandse statiegeld- en verpakkingssysteem. Zij richten zich onder meer op publiekscampagnes met betrekking tot het retourneren van verpakkingen met statiegeld. In dit kader verscheen op 3 april 2024 om 10.37 uur een artikel op een website waarin de campagne “Statiemonnie” van Eisers voor het eerst publiekelijk werd aangekondigd (de “Campagne”). Eiser Stichting Verpact is houder van het Benelux woordmerk met reg. nr. 1513511 voor STATIEMONNIE, aangevraagd op 30 oktober 2024 en geregistreerd op 25 januari 2025 (hierna: het “Merk"). De Domeinnaam is geregistreerd op 3 april 2024. Ten tijde van het indienen van de Klacht verwijst de Domeinnaam naar een landingspagina van mijn.host. Ten tijde van het schrijven van deze Uitspraak bevat de website waarnaar de Domeinnaam verwijst een informatieve pagina die aangeeft dat er binnenkort onafhankelijke informatie zal worden gepubliceerd over statiegeld, recycling en duurzaamheid. 5. Stellingen van Partijen A. Eisers Eisers verzoeken de overdracht van de Domeinnaam naar de Eiser Stichting Verpact. Eisers stellen te voldoen aan elk van de vereisten van de Regeling om in aanmerking te komen voor een overdracht van de Domeinnaam. Allereerst stellen Eisers dat de Domeinnaam identiek is aan het Merk en de Campagne. Daarnaast stellen Eisers dat Verweerder geen recht heeft op of legitiem belang heeft bij de Domeinnaam. Eisers stellen dat Verweerder een schoonmaakbedrijf exploiteert en zich niet bezighoudt met activiteiten gelijksoortig aan die van Eisers. Bovendien heeft Verweerder de Domeinnaam anderhalf jaar na registratie nog steeds niet gebruikt, terwijl Verweerder volgens Eisers in een e-mail aan Eisers’ advocaat heeft aangegeven dat de Domeinnaam registratie “geheel zelfstandig tot stand is gekomen, ingegeven door maatschappelijke betrokkenheid en een lange termijn ondernemingsvisie” en dat “Indien Verpact of Stichting Statiegeld Nederland openstaat voor samenwerking of co-creatie rond dit initiatief, ben ik bereid dit in overleg nader te verkennen”. Ten slotte stellen Eisers dat de registratie van de Domeinnaam te kwader trouw is gedaan. De registratie vond plaats op dezelfde dag dat gepubliceerd werd dat Eisers onder de naam “Statiemonnie” de Campagne zouden gaan voeren en de Domeinnaam is zonder geldige reden geregistreerd. Bezoekers van de Domeinnaam worden willens en wetens misleid door Verweerder en krijgen een landingspagina te zien in plaats van informatie over de Campagne van Eisers.
pagina 3 B. Verweerder Verweerder heeft op 24 oktober 2025 een verweerschrift ingediend waarin verzocht wordt om afwijzing van de Eis. Allereerst stelt Verweerder dat hij een legitiem belang heeft bij de Domeinnaam. Verweerder stelt al 25 jaar actief betrokken te zijn bij milieuprojecten en recycling initiatieven. Zo werkt Verweerder aan een idee om zwerfafval te verminderen door middel van een “statiegeldloterij”. Dit idee gaat vooraf aan elk initiatief van Eisers en is niet in strijd met het doel van Eisers. Ter ondersteuning hiervan heeft Verweerder twee e-mails als bijlagen ingediend. De eerste, uit 2011, is van Verweerder aan een derde partij waarin de Verweerder het idee van een “statiegeldloterij” voorlegt aan een derde partij. In een tweede e-mail, ook door Verweerder verzonden, verwijt Verweerder een andere partij van het stelen van zijn idee voor een “statiegeldloterij” zonder het met Verweerder te delen, nadat Verweerder dit idee aan een verwante partij had voorgelegd in 2003. In deze e-mail, uit 2018, noemt Verweerder ook dat hij enige vorm van profijt of compensatie verdient voor dit idee. Bovendien heeft Verweerder de Domeinnaam geregistreerd voordat het Merk werd geregistreerd. Daarnaast stelt Verweerder de Domeinnaam niet te kwader trouw te hebben geregistreerd. Daartoe voert Verweerder aan nooit de logo’s, merkregistraties of andere visuele identiteiten van Eisers te hebben gebruikt, de Domeinnaam nooit te koop te hebben aangeboden en nooit gebruikt te hebben om consumenten schade te berokkenen, te misleiden of te verwarren met betrekking tot Eisers of hun activiteiten. Verweerder stelt op het moment van registratie van de Domeinnaam geen kennis te hebben gehad van de activiteiten die Eisers later zou gaan voeren onder de naam “Statiemonnie” of de Campagne. 6. Oordeel en Bevindingen Op grond van artikel 2.1 van de Regeling dienen Eisers te stellen en bewijzen dat: a) de Domeinnaam identiek is aan of zodanig overeenstemt dat er verwarring kan ontstaan met een: i. naar Nederlands recht beschermd merk, handelsnaam of geografische aanduiding waarvan Eisers rechthebbende zijn; dan wel; ii. een in een Nederlandse gemeentelijke basisadministratie geregistreerde persoonsnaam, dan wel een naam van een Nederlandse publiekrechtelijke rechtspersoon of een naam van een in Nederland gevestigde vereniging of stichting waaronder Eisers duurzaam aan het maatschappelijke verkeer deelnemen; en b) Verweerder geen recht heeft op of legitiem belang heeft bij de Domeinnaam; en c) de Domeinnaam te kwader trouw is geregistreerd of wordt gebruikt. Als aan één van deze vereisten niet is voldaan wordt de Eis afgewezen. De bovenstaande gronden zullen hierna worden besproken. A. Identiek of Verwarringwekkend Overeenstemmend Eisers dienen aan te tonen dat zij (1) een onder Nederlands recht beschermd recht hebben in de zin van artikel 2.1 sub a van de Regeling, zoals een merkrecht of handelsnaamrecht, en (2) dat de Domeinnaam identiek is aan of verwarringwekkend overeenstemt met dit recht. Eiser Stichting Verpact is houder van het Merk dat geldig is in de Benelux. Eiser heeft dus een onder Nederlands recht beschermd recht, namelijk een Benelux merkrecht. Eisers hebben niet gesteld of aannemelijk gemaakt dat zij een ander recht hebben dat naar Nederlands recht beschermd is.
pagina 4 Volgens vaste rechtspraak onder de Regeling mag aan het Top-Level Domein “.nl” voorbij worden gegaan bij de beoordeling van de overeenstemming tussen de Domeinnaam enerzijds en het Merk anderzijds (zie Roompot Recreatie Beheer B.V. v. Edoco LTD, WIPO Zaaknr. DNL2008-0008). Op grond van sectie 1.7 van de WIPO Overview of WIPO Panel Views on Selected UDRP Questions, Third Edition (“WIPO Overview 3.0”),1 geldt dat de Geschillenbeslechter een zij-aan-zij vergelijking uitvoert tussen een domeinnaam en de tekstuele componenten van de relevante merken om te beoordelen of het merk herkenbaar is in de domeinnaam. De Domeinnaam is identiek aan het Merk. De Geschillenbeslechter is van mening dat er aan het eerste criterium van artikel 2.1. van de Regeling is voldaan. B. Recht of Legitiem Belang Op grond van artikel 2.1 sub b van de Regeling dienen Eisers gemotiveerd te stellen dat Verweerder geen recht heeft op of legitiem belang heeft bij de Domeinnaam. Volgens vaste rechtspraak onder de Regeling dient de eiser dit prima facie aannemelijk te maken. Indien de eiser hierin slaagt, dan is het aan de verweerder om aan te tonen dat zij wel een recht heeft op of legitiem belang heeft bij de Domeinnaam (zie bijv. WIPO Overview 3.0, section 2.1; Sanofi v. Cimpress Schweiz GmbH, WIPO Zaaknr. D2017-0522). Artikel 3.1. van de Regeling geeft drie niet-uitputtende voorbeelden van gevallen waarin Verweerder rechten of legitieme belangen in de Domeinnaam kan aantonen. Eisers hebben prima facie aannemelijk gemaakt dat geen van deze omstandigheden van toepassing is in dit geval en dat Verweerder geen recht heeft op of legitiem belang heeft bij de Domeinnaam. Verweerder voert aan betrokken te zijn bij een initiatief om zwerfafval te verminderen door middel van een statiegeldloterij, maar dit geeft Verweerder geen recht of legitiem belang om STATIEMONNIE te registreren als domeinnaam. Verweerder heeft dus geen overeenkomende rechten en is niet algemeen bekend onder de Domeinnaam of een daarmee vergelijkbare naam op basis van het beschikbare dossier. Ook heeft Verweerder niet gesteld dat aan één van de andere omstandigheden van artikel 3.1 van de Regeling is voldaan. Dientengevolge oordeelt de Geschillenbeslechter dat Verweerder geen rechten of legitieme belangen heeft met betrekking tot de Domeinnaam. Hiermee is voldaan aan de eis van artikel 2.1 (b) van de Regeling. C. Geregistreerd of Gebruikt te Kwader Trouw Ingevolge artikel 2.1 sub c van de Regeling dienen Eisers te stellen en bewijzen dat de Domeinnaam te kwader trouw is geregistreerd of wordt gebruikt. Artikel 3.2. van de Regeling benoemd vier niet-limitatieve omstandigheden die overwogen kunnen worden als bewijs dat een domeinnaam te kwader trouw is geregistreerd of wordt gebuikt. De Domeinnaam is geregistreerd bijna 6 maanden vóór de registratie van het Merk. De hoofdregel is dat de registratie van een domeinnaam vóór de registratie van een merk doorgaans niet als te kwader trouw wordt beschouwd, omdat de registrant niet kon voorzien dat het recht van de eiser op het merk op dat moment bestond (WIPO Overview 3.0, sectie 3.8.1). In deze zaak stellen Eisers dat Verweerder de Domeinnaam registreerde op dezelfde dag als de dag dat een artikel op een website verscheen over de Campagne. Daardoor zou de registratie van Domeinnaam te kwader trouw zijn. Het enkele registreren van de Domeinnaam op dezelfde dag als dat een artikel 1 Gezien het feit dat de Regeling verregaand gebaseerd is op de UDRP (“Uniform Domain Name Dispute Resolution Policy”), beschouwt de Geschillenbeslechter UDRP precedent, en dus WIPO Overview 3.0, als relevant voor de huidige procedure en zal hij waar toepasselijk daarnaar verwijzen (zie bijv. Aktiebolaget Electrolux v. Beuk Horeca B.V., WIPO Zaaknr. DNL2008-0050).
pagina 5 verscheen over de Campagne maakt de registratie van de Domeinnaam niet te kwader trouw. Voor zover Eisers beogen te stellen dat de uitzondering op de voornoemde hoofdregel van WIPO Overview 3.0, section 3.8.2 van toepassing is, kan dit haar niet baten. In de uitzondering wordt aangegeven dat wanneer een verweerder duidelijk op de hoogte is van de plannen van de eiser (bijvoorbeeld door aanzienlijke media-aandacht of andere relevante informatie) en het doel van de registratie was om te profiteren van de verwarring tussen de domeinnaam en de mogelijke rechten van de eiser, kwade trouw kan worden vastgesteld. De Geschillenbeslechter acht het op basis van de overgelegde stukken in het dossier niet aannemelijk dat Verweerder ten tijde van de registratie van de Domeinnaam kennis had van de Campagne van Eisers onder de naam “Statiemonnie”. Eisers hebben niet gesteld dat er significante media-aandacht of andere aandacht voor de Campagne is geweest voorafgaand aan registratie van de Domeinnaam, en ook niet dat uit de overige omstandigheden kan worden afgeleid dat Verweerder onrechtmatig heeft willen profiteren van rechten van Eisers. De enkele verwijzing naar een artikel op de website “Marketingtribune” zoals opgenomen in Bijlage 7 van de Klacht dat is verschenen slechts 10 minuten voordat de bevestiging van registratie van de Domeinnaam is verzonden is niet voldoende (Bijlage bij het Verweerschrift). Eisers hebben geen enkele informatie verstrekt over aandacht voor de Campagne in overige media voorafgaand aan registratie van de Domeinnaam, zoals het bereik daarvan, investeringen die Eisers hebben gedaan, of enige andere informatie over de Campagne. Op basis van de verstrekte informatie ziet de Geschillenbeslechter daarom geen reden om af te wijken van de hoofdregel dat registratie van de Domeinnaam voor registratie van het Merk in beginsel niet wordt aangemerkt als registratie van de Domeinnaam te kwader trouw. Hieruit concludeert de Geschillenbeslechter dat in het kader van deze procedure niet aannemelijk is dat de Domeinnaam te kwader trouw is geregistreerd. Voorts hebben Eisers ook niet aannemelijk gemaakt dat de Domeinnaam te kwader trouw wordt gebruikt. Het enkele feit dat internetgebruikers bij het intypen van de Domeinnaam niet op een website van Eisers uitkomen maar op een landingspagina, maakt niet dat de Domeinnaam te kwader trouw is gebruikt. Verder is het enkele feit dat de Domeinnaam anderhalf jaar na registratie nog niet actief zou worden gebruikt, ondanks dat Verweerder in een, overigens niet te verifiëren, e-mail aan Eisers zeggen al langere tijd bezig te zijn met een maatschappelijk betrokkenheid op het gebied van statiegeld, geen grond om te concluderen dat Verweerder de Domeinnaam te kwader trouw gebruikt. Ook uit het overige blijkt niet dat Verweerder bijvoorbeeld heeft geprobeerd om Eisers dwars te zitten of om geld te verdienen aan de Domeinnaam door deze te koop aan te bieden. In het licht van deze omstandigheden acht de Geschillenbeslechter de registratie en het gebruik van de Domeinnaam niet te kwader trouw in de zin van artikel 2.1 sub c van de Regeling. 7. Uitspraak Op basis van het bovenstaande wijst de Geschillenbeslechter de vordering af. /Gregor Vos/ Gregor Vos Geschillenbeslechter Datum: 23 december 2025
Full & Egal Universal Law Academy